Nieuwsbrief
De vraag achter de vraag!
Heb je ooit deze vragen gehoord of misschien zelf
gesteld?:
- Waarom moeten wij nu weer veranderen?
- Wanneer krijg ik nu die training die mij is toegezegd?
- Waarom informeren zij ons niet beter?
- Waarom gebeurt dit met me?
- Wanneer gaan die anderen nu eens hun werk doen?
- Wanneer vind ik nu eindelijk eens de juiste mensen?
- Wie gaat het probleem oplossen?
Misschien wordt dan tijd om het volgende verhaal over de
vraag achter de vraag (VAV) eens aandachtig te lezen.
De vraag achter de vraag (VAV) is gebouwd op de
observatie dat onze eerste reacties vaak negatief zijn. Maar als wij onze
hersenen trainen om in elk beslissingsmoment achter die eerste vragen te kijken
en betere vragen te stellen, zullen deze vragen ons naar betere antwoorden brengen. Een van de leidende stelregels van de VAV is: ‘de
antwoorden zitten in de vraag’. Als wij een betere vraag stellen, krijgen wij ook een
beter antwoord. Dus het gaat over het stellen van betere vragen. Maar hoe
kunnen wij nu een goede vraag onderscheiden van een slechte? Hoe ziet een ‘betere’
vraag eruit? Dit verhaal zal je helpen betere vragen te herkennen en
te stellen.
Hier zijn de drie simpele richtlijnen voor het creëren
van de VAV:
- Ze beginnen met ‘Wat’ of ‘Hoe’ (niet ‘Waarom’, ‘Wanneer’ of ‘Wie’)
- Ze bevatten een ‘ik’ (niet ‘zij’, ‘wij’ of ‘jij’)
- Ze zijn gericht op een actie
Bijvoorbeeld ‘Wat kan ik doen?’ volgt deze richtlijnen
perfect. Het begint met ‘Wat’, bevat een ‘ik’ en richt zich op een actie: Wat
kan ik doen? Simpel, maar laat de eenvoud je niet voor de gek houden.
Ooit deze vragen gehoord?: Waarom werken zij niet harder?
Waarom gebeurt dit met me? Waarom maken zij het zo moeilijk om mijn werk goed
te doen? Zeg ze eens hardop. Hoe voel jij je erbij? Als ik ze zeg,
voel ik me machteloos – een slachtoffer. Vragen met een ‘Waarom ik?’ toon,
zeggen: ‘Ik ben een slachtoffer van de omgeving en van de mensen om mij heen’.
Niet een echt productieve gedachte, maar wij stellen ze voortdurend. De eerste richtlijn van de VAV stelt dat alle VAV
beginnen met ‘Wat’ of ‘Hoe’ en niet met ‘Waarom’, ‘Wanneer’ of ‘Wie’. Kijk nog
eens naar de vragen aan het begin van deze paragraaf en vraag je af wat er zou
gebeuren als wij nu deze vragen zouden stellen:
‘Hoe zou ik
vandaag mijn werk beter kunnen doen?’
‘Wat kan ik doen
om de situatie te verbeteren?’
‘Hoe kan ik die
anderen steunen?’
Het persoonlijk maken van verantwoordelijkheid
Persoonlijke verantwoordelijkheid begint niet met zij,
wij of jij! Het begint met jezelf – met ‘ik’. Daarom wordt het persoonlijke
verantwoordelijkheid genoemd. Persoonlijke verantwoordelijkheid gaat over dat wij ons
zelf verantwoordelijk houden voor ons eigen denken en gedrag en de resultaten
die hier uit voort komen. Daarom is de tweede VAV richtlijn: alle VAV bevatten een
‘ik’, en niet ‘zij’, ‘wij’ of ‘jij’. Vragen die een ‘ik’ bevatten halen de focus weg van
andere mensen en omstandigheden en richt deze terug op onszelf, waar het meeste
goeds gedaan kan worden. Vaak kunnen wij omstandigheden en gebeurtenissen niet
sturen. Het enige waar wij echt controle over hebben zijn onze eigen gedachten
en acties. Het stellen van vragen die onze activiteiten en energie richten op
wat wij kunnen doen, maakt ons meer effectief en niet te vergeten blijer en
minder gefrustreerd.
Het verantwoordelijk maken van een groep is een goed
hulpmiddel. Managers en directeuren doen niet anders, maar de kracht van
persoonlijke verantwoordelijkheid komt van vragen die beginnen met ‘Wat’ of
‘Hoe’ en een ‘ik’ bevatten.
De kracht van ‘één’
Een van de meest verleidelijke vragen die gesteld kan
worden als men voor het eerst van de VAV hoort, is: ‘Wat kunnen wij doen?’ Er is echter een probleem, ‘wij’ verandert niet. Teams,
afdelingen en organisaties veranderen niet. Mensen veranderen, één voor één,
door de keuzes die zij maken. Als wij dus niet uitkijken, vervangen wij de taal
van persoonlijke verantwoordelijkheid (ik) door de ‘teamtaal’ (wij en ons). Wij
kunnen ons dan verschuilen achter het team met gedachten – die excuses worden –
zoals:
‘Het team heeft de deadline niet gehaald’
‘Men heeft het team niet genoeg medewerkers toebedeeld’
‘Het team heeft het werk niet gedaan’
‘Het team had geen duidelijke opdracht’
Persoonlijke verantwoordelijkheid gaat niet over het
veranderen van anderen. Het is het verschil maken door zelf te veranderen. Persoonlijke
verantwoordelijkheid – de kracht van één!
Een focus op actie
Het ultieme doel van de VAV is actie! De derde richtlijn
is: Alle VAV zijn gericht op actie. Om een VAV actiegericht te maken, voegen
wij woorden als ‘kunnen’, ‘zorgen’ aan vragen toe die beginnen met ‘Wat’ of
‘Hoe’ en een ‘ik’ bevatten. Wij hebben dan uitstekend klinkende vragen zoals, ‘Wat
kan ik nu doen?’ of ‘Hoe zorg ik er nu voor dat het anders gaat?’ Als we niet vragen wat we kunnen doen, maken, bereiken of
bouwen, dan doen, maken, bereiken of bouwen wij niets. Zo simpel is het. Alleen
door actie wordt iets bereikt. De uitvoering van persoonlijke
verantwoordelijkheid: ik beheers mijn gedachten, ik stel betere vragen
en ik neem actie.
Prestatie Management begint dus bij jezelf!
Vrij
vertaald naar: The
Question behind the Question - John G.
Miller - ISBN –
0-9665832-9-9
Terug naar de Nieuwsbrieven